De opleiding Biomedische Wetenschappen
De opleiding Biomedische Wetenschappen is een vijfjarige opleiding, georganiseerd volgens het bachelor-mastersysteem. Tijdens de drie studiefasen van de bachelor of science werken de studenten aan een stevige wetenschappelijke basis en maken zij kennis met het wetenschappelijk onderzoek. De master-of-science-opleiding brengt hen vervolgens de nodige praktijkervaring en specifieke kennis bij.
- Bachelor of Science in Biomedische Wetenschappen
- Master of Science in de Biomedische Wetenschappen
- Sterke focus op de praktijk
- Op zoek naar stagestudenten?
Bachelor of Science in Biomedische Wetenschappen
Tijdens de Bachelor-of-Science-opleiding Biomedische Wetenschappen volgen de studenten in het eerste en tweede studiefase van de Bachelor of Science een grotendeels gemeenschappelijk programma. Daarin ligt sterk de nadruk op basiswetenschappen zoals wiskunde, biologie, chemie en fysica. Verder krijgen de studenten een grondige introductie in de biomedische wetenschappen met vakken zoals celbiologie, microbiologie, moleculaire genetica, immunologie en systeemfysiologie.
Tijdens de derde studiefase van de Bachelor of Science worden de studenten verder opgeleid in deze biomedische wetenschappen, maar verschuift de focus vooral naar het onderzoek. Het beste voorbeeld daarvan is het projectpracticum, waarin de bachelor-of-science-studenten per twee zelfstandig een biomedisch probleem leren analyseren en oplossen. Bovendien kunnen zij voor het eerst eigen accenten leggen binnen hun opleiding en hun sterktes en interesses uitdiepen dankzij een aantal keuzeopleidingsonderdelen.
Master of Science in de Biomedische Wetenschappen
De Master-of-Science-opleiding van twee studiefasen dompelt de student werkelijk onder in het wetenschappelijk biomedisch onderzoek. Door zelf aan onderzoek te doen in een binnen- of buitenlands laboratorium leert hij het klappen van de zweep kennen en draagt hij zijn steentje bij tot verdere kennisontwikkeling. Het belangrijkste onderdeel van de master of science is dan ook het schrijven van een verhandeling, de zogenaamde masterproef. Maar ook de verplichte opleidingsonderdelen sluiten sterk aan bij het onderzoek zoals dat gevoerd wordt in laboratoria, ziekenhuizen en in de farmaceutische industrie.
Toch stoomt de opleiding onze studenten niet alleen klaar voor een toekomst als biomedisch onderzoeker. Binnen de Master of Science in de Biomedische Wetenschappen bestaan er immers twee afstudeerrichtingen: 'Onderzoek in Biomedische Wetenschappen' en 'Onderzoek, management en communicatie in Biomedische Wetenschappen'. Hoewel beide een sterk wetenschappelijk karakter hebben, wil de afstudeerrichting 'Onderzoek, management en communicatie' de biomedische kennis gebruiken in een bredere maatschappelijke context. 'Onderzoek in Biomedische Wetenschappen' is veel meer gericht op specialisatie in een aantal domeinen.
Onderzoek in Biomedische Wetenschappen
Deze afstudeerrichting is bedoeld voor studenten die zich met hart en ziel willen toeleggen op de wetenschappelijke research en een carrière wensen uit te bouwen als wetenschappelijk onderzoeker. Aangezien er zeer veel onderzoeksdomeinen zijn in de biomedische wetenschappen, bepalen de masterstudenten zelf in welke van deze domeinen zij zich willen specialiseren. Denk bijvoorbeeld maar aan menselijke genetica, oncologie (kanker), vasculaire biologie, microbiologie, immunologie, ..., allemaal domeinen waar de laatste jaren sterk vernieuwend onderzoek in gebeurt. Aangezien studenten les krijgen van onderzoekers 'in the field', kunnen zij zo van nabij betrokken worden en op de hoogte blijven van de recentste onderzoeksontwikkelingen.
Onderzoek, management en communicatie in Biomedische Wetenschappen
Studenten die kiezen voor deze afstudeerrichting behouden een sterke band met het wetenschappelijk onderzoek, maar zien het toch iets ruimer. Zij willen hun brede basiskennis van de biomedische wetenschappen kunnen vertalen naar het bredere publiek en toepassen in allerlei beleidsfuncties. Hun opleiding besteedt daarom ook aandacht aan communicatie- en presentatievaardigheden en biedt hen inzicht in het brede domein van de gezondheidseconomie, marketing en management. Ook onderwijs (de lerarenopleiding) komt aan bod binnen deze afstudeerrichting.
Sterke focus op de praktijk
De studenten Biomedische Wetenschappen starten al in hun derde studiefase van de bachelor of science met het zelfstandig wetenschappelijk onderzoek gedurende het projectpracticum. In hun eerste studiefase van de master of science maken ze nauwer kennis met een aantal laboratoria tijdens de labrotaties. In een van deze labo's voeren ze in hun tweede studiefase van de master of science een stage uit, die uiteindelijk zal leiden tot de eindverhandeling of masterproef.
Zelfstandig leren onderzoeken: dat is de doelstelling van dit practicum, dat gespreid is over twee semesters. Tijdens het eerste semester krijgen de studenten ruimschoots de kans om kennis te maken met biomedisch onderzoek via bedrijfsbezoeken, rondleidingen in laboratoria en een georganiseerd practicum. In dat laatste leren ze, naast een aantal belangrijke moleculair-biologische en biochemische technieken, onderzoeksresultaten interpreteren, bediscussiëren en in een verslag verwerken.
In het tweede semester moeten ze dan zelf het initiatief nemen. De studenten krijgen nu een medisch probleem voorgeschoteld. In een eerste fase moeten ze hierover de nodige documentatie en literatuur verzamelen. Vervolgens krijgen ze twee weken de tijd om hier rond experimenten en onderzoek uit te voeren. Tijdens de laatste week moeten ze hun resultaten verwerken tot een wetenschappelijk verslag en tot een powerpointpresentatie. Via die diavoorstelling moeten ze hun collega-studenten briefen over hun bevindingen.
Om de master-of-science-student goed voorbereid aan zijn masterproef te laten beginnen, worden de labrotaties georganiseerd. Tijdens een periode van telkens vier weken mag de student een tijd meewerken in een laboratorium van een van de promotoren. Hij moet minimaal 1,5 dag per week aanwezig zijn. Nadien gaat hij aan de slag in een volgend labo. Op twaalf weken tijd kan hij zo kennismaken met het onderzoek van drie verschillende onderzoeksgroepen en laboratoria. Dit moet hem helpen om een duidelijk idee te vormen van een mogelijk eindwerk en om een goed gefundeerde keuze te maken. Op het einde van deze periode brengt de student verslag uit over zijn stageperiode.
De student en zijn promotor leggen het onderwerp van het eindwerk samen vast op het einde van de eerste studiefase van de master of science. Zo kan de student vanaf de start van de tweede studiefase van de master of science meteen aan de slag met zijn onderzoekswerk. Zes maanden lang verricht hij zelfstandig research rond een biomedisch probleem. Daarbij kan hij zich bekwamen in technieken waarmee hij al vroeger kennismaakte. Bovendien leert de student ook nieuwe vaardigheden, eigen aan het gekozen studiegebied. De resultaten van zijn onderzoek verwerkt hij uiteindelijk in een eindwerkverhandeling, die hij voor een jury verdedigt.
Op zoek naar stagestudenten?
De opleiding Biomedische Wetenschappen van de Faculteit Geneeskunde is altijd op zoek naar samenwerking met nieuwe bedrijven en organisaties. Als uw onderneming of instelling dan ook stageplaatsen beschikbaar heeft in het veld van het biomedisch onderzoek, dan willen wij die graag invullen. U kunt hiervoor contact opnemen met onze opleidingscoördinator, Anouk Desmet. U kunt haar telefonisch contacteren op 016/330665 of via e-mail.
