Onderwijs-ontwikkelingsplan

OOP-convenant
Faculteit Geneeskunde - Februari 2004 (ook als pdf)

Situering

Dit OOP-convenant maakt deel uit van het onderwijsontwikkelingsplan van de K.U.Leuven. Het is gebaseerd op de volgende principes die in nauw overleg tussen de programmadirecteurs van de faculteit Geneeskunde zijn vastgelegd:

  1. De faculteit Geneeskunde opteert voor het uitwerken van gemeenschappelijke actieterreinen voor haar diverse opleidingen.
  2. Elk actieterrein wordt uitgewerkt via concrete pilootprojecten, gespreid over de diverse opleidingen van de faculteit.
  3. De actieterreinen zijn vastgelegd na grondig overleg met de diverse programmadirecteurs van de Faculteit (overlegvergaderingen op 4 en 31 juli 2003) en bouwen aldus voort op het huidige en toekomstige beleidsplan van de respectievelijke POC's. Dit maakt dat reeds opgestarte projecten (zie bv. Convenant I, LAPTOP en Dentsim project) verder geïmplementeerd en/of uitgebreid worden.
  4. Bij de concrete uitwerking van de actieterreinen (zie actieplan), zal duidelijk worden dat de eerste drie actieterreinen en de pilootprojecten die daarbinnen uitgewerkt worden een duidelijke samenhang vertonen; Bv. in een pilootproject dat gericht is op het bewerkstelligen van vertikale en horizontale integratie binnen het curriculum, zullen ongetwijfeld ook bepaalde functionaliteiten van het TOLEDO leerplatform geïntegreerd uitgewerkt worden; ook de studentenevaluatie gekoppeld aan dit pilootproject zal gericht zijn op integratie van kennis.
  5. Het is evident dat de uitwerking van de pilootprojecten gebeurt onder de verantwoordelijkheid van de respectievelijke POC's, in nauw overleg met de facultaire onderwijscel (Dienst Onderwijs Geneeskunde).

Belangrijkste werkterreinen

Binnen het kader van het OOP-convenant wenst de faculteit de klemtoon te leggen op de volgende vijf actieterreinen:

  • Actieterrein 1: TOLEDO als tool voor IMBEZE (Implementatie van Begeleide Zelfstudie)
  • Actieterrein 2: Vertikale en horizontale integratie, inclusief trajectonderwijs
  • Actieterrein 3: Competentiegericht assessment (Actieplan, pdf, april 2004)
  • Actieterrein 4: Reflectief ervaringsleren tijdens de stage
  • Actieterrein 5: Internationalisering (Actieplan, pdf, april 2004)

Te leveren prestaties, resultaten en/of producten

Vóór einde 2005 (Fase 1):

  • Binnen de faculteit worden de werkzaamheden van de Dienst Onderwijs Geneeskunde verbreed naar het geheel van de opleidingen binnen de faculteit. De Dienst is verantwoordelijk voor de opvolging van de verschillende deelprojecten, het systematiseren en verspreiden van de bevindingen, het stimuleren van de onderwijsreflectie en het leveren van operationele ondersteuning aan alle titularissen die hun onderwijs willen vernieuwen met name bij de integratie van TOLEDO.
  • De acties betreffende het eerste actieterrein (tot einde 2005) zijn gespecifieerd in het IMBEZE Convenantsproject 2002.
  • Binnen het tweede actieterrein worden de volgende prestaties, resultaten en/of producten geleverd:
    • Op het einde van het academiejaar 2004-2005 is één pilootproject inzake meer integrerend onderwijs voorbereid, geïmplementeerd en geëvalueerd. Op basis van deze evaluatie beslissen de betrokken POC's over verdere uitbreiding. Het betreft een pilootproject in de opleiding Biomedische wetenschappen rond "geïntegreerde praktische oefeningen". Er wordt specifieke aandacht besteed aan het inspelen op verschillende leerstijlen van studenten en wordt opleidingsonderdelen zowel horizontaal als vertikaal geïntegreerd.
    • In dezelfde lijn worden minimaal 10% van de bestaande practica uit de bachelorjaren in de opleidingen biomedische wetenschappen en arts afgestemd op het concept Begeleide Zelfstudie.
  • Wat betreft de implementatie van competentiegerichte evaluatie worden de volgende prestaties, resultaten en/of producten geleverd:
    • Tegen het einde van het academiejaar 2003-2004 is op basis van een grondig literatuuronderzoek over competentiegeoriënteerde evaluatie in het biomedisch onderwijs facultair een beleid goedgekeurd. In het beleidsdocument is tevens een meerjarenplan opgenomen. Tevens bevat het beleid duidelijke uitspraken omtrent de aanpak bij het bepalen van beoordelingscriteria.
    • Op het einde van 2005 is op de POC's de evaluatie besproken en zijn de nodige opvolgingsmaatregelen genomen over de nieuwe evaluatiebenadering zoals uitgetest in twee pilootprojecten. Een eerste pilootproject betreft de beoordeling van het klinisch redeneren van studenten in het eerste en tweede jaar arts. Het tweede pilootproject betreft de evaluatie van het geïntegreerde projectpracticum in het toekomstige derde bachelorjaar Biomedische Wetenschappen.
    • Ter voorbereiding van de nieuwe evaluatiebenadering hebben op het einde van het academiejaar 2004-2005 alle betrokken docenten een gerichte vorming gevolgd.
  • De acties betreffende het vierde actieterrein (tot einde 2005) zijn gespecifieerd in het Convenantproject 2002.
  • Het actieterrein rond "internationalisering" betreft de volgende prestaties, resultaten en/of producten voor de masteropleidingen in de faculteit:
    • Tegen het einde van het academiejaar 2003-2004 is een facultair beleid uitgewerkt en goedgekeurd. Dit beleid preciseert de principes bij het selecteren van partneropleidingen, de criteria voor studenten- en docentenuitwisseling, de principes bij de omzetting van studieresultaten en -in samenwerking met de Dienst Internationale Relaties- een concrete ERASMUS-aanvraag.
    • Op basis van een verkenning van de inhoud en de opbouw van de opleidingen in de omringende landen zijn voor elke betrokken opleiding op het einde van 2004 minstens twee partneropleidingen geselecteerd en concrete afspraken gemaakt inzake de uitwisseling van studenten en docenten.
    • Tegen het einde van 2005 is een inventaris beschikbaar van de professionele competenties voor de verschillende specialisatierichtingen, zoals terug te vinden in relevante wetgeving en standpunten van relevante maatschappelijke actoren, met het oog op het exploreren van internationale samenwerkingsmogelijkheden voor de postinitiële masteropleidingen POC Maatschappelijke gezondheidszorg
    • Tegen het einde van het academiejaar 2004-2005 is een website ontwikkeld met specifieke informatie over ERASMUS-uitwisselingen en dit zowel voor de eigen (arts) als voor de buitenlandse (BMW) studenten .
    • In het academiejaar 2004-2005 nemen minimaal 5% van de studenten in de betrokken opleidingen deel aan de uitwisseling. Een gelijk aantal buitenlandse studenten wordt in de eigen opleidingen opgevangen. Daarnaast wordt voor de betrokken opleidingen ook voor minstens één opleidingsonderdeel aan docentenuitwisseling gedaan.
    • Tegen het einde van 2005 is op basis van een evaluatie van de eerste docenten- en studentenuitwisselingen facultair een rapport goedgekeurd waarin de betrokken POC's hun aanbevelingen over de opvang van buitenlandse studenten, de omzetting van studieresultaten en uitwisseling van docenten zijn opgenomen.
    • Tegen het einde van 2005 is een aantrekkelijk aanbod in elke masteropleidingen voor buitenlandse studenten uitgewerkt dat minimaal 10 studiepunten omvat.

Vóór einde 2007 (fase 2).

  • Binnen het eerste actieterrein worden de volgende prestaties, resultaten en/of producten geleverd :
    • Tegen het einde van 2006 zijn twee studiedagen georganiseerd waarin de eigen visie van de faculteit en de resultaten van het concrete TOLEDO-gebruik aan de faculteit worden voorgesteld. Beide studiedagen hebben tot doel het verantwoord gebruik verder te stimuleren en concrete mogelijkheden te tonen.
    • Tegen het einde van het academiejaar 2006-2007 zijn minimaal drie pilootprojecten rond het gebruik van TOLEDO voorbereid, geïmplementeerd en bij studenten geëvalueerd. Het gaat over het gebruik van TOLEDO binnen geïntegreerde practica voor Biomedische Wetenschappen, het gebruik van TOLEDO in minimaal 20 procent van de op volwassen (werkende) studenten afgestemde opleidingsonderdelen binnen de manama-opleidingen en het gebruik van TOLEDO in minimaal 20 procent van de opleidingsonderdelen van de opleiding Medisch sociale wetenschappen. De integratie van de opleidingsonderdelen in TOLEDO houdt telkens de revisie in van de opzet van het opleidingsonderdeel in functie van Begeleide zelfstudie en de noodzakelijke aanpassing van het studiemateriaal.
  • Binnen het tweede actieterrein worden de volgende prestaties, resultaten en/of producten geleverd:
    • Tegen het einde van het academiejaar 2005-2006 is de implementatie voorbereid voor de horizontale integratie van de opleidingsonderdelen in het eerste en tweede Masterjaar Arts in thema's. De voorbereiding omvat: installatie van didactische teams, aanstellen van een coördinator per thema, herziening van het studiemateriaal per thema en herdenken van de evaluatie.
  • Wat betreft de implementatie van competentiegerichte evaluatie worden de volgende prestaties, resultaten en/of producten geleverd:
    • Tegen het einde van 2007 zijn twee bijkomende pilootprojecten geïmplementeerd. De selectie van deze pilootprojecten moet nog gebeuren. Hierbij wordt de voorkeur gegeven aan projecten uit andere POC's dan die van de opleiding Arts of Biomedische Wetenschappen.
  • De verderzetting van het stageproject "De ondersteuning van zelfgestuurd ervaringsleren tijdens stage" impliceert de volgende prestaties, resultaten en/of producten:
    • Tegen het einde van het academiejaar 2005-2006 is een elektronisch evaluatie-instrument (inclusief feedbackmodule) beschikbaar en gebruikt om de kwaliteit van de stageplaats te kunnen bepalen, met een algemeen luik gericht op zelfgestuurd ervaringsleren en een specifiek luik op maat van de stage (respectievelijk postinitiële masteropleidingen MGZ, logopedie en audiologie, tandarts, familiale en seksuologische wetenschappen).
    • Tegen het einde van 2007 hebben betrokken titularissen, assistenten en begeleiders een opleidingsmodule gevolgd voor het ondersteunen van reflectief ervaringsleren. Deze modules worden afzonderlijk georganiseerd voor de stage arbeidsgeneeskunde, de stages voorzien in de masteropleiding Logopedie en audiologie.
    • Tegen het einde van 2007 is een pilootproject afgerond waarin via ICT patiëntenbesprekingen kunnen worden gedaan. Het betreft hier de installatie en het feitelijk gebruik door minimaal een derde van de betrokken studenten van een gedediceerde ICT-omgeving in specifieke leergroepen in het derde jaar Arts. De docenten die momenteel betrokken zijn bij de terugkomdagen kunnen deze patiëntenbesprekingen begeleiden. Overwogen wordt de terugkomdagen in de toekomst te vervangen door elektronische patiëntenbesprekingen.
  • Het actieterrein rond "internationalisering" betreft de volgende prestaties, resultaten en/of producten voor de masteropleidingen in de faculteit:
    • Het aanbod in de in het beleidsplan vastgelegde masteropleidingen voor buitenlandse studenten wordt concreet geïmplementeerd vanaf het academiejaar 2005-2006.

Voor wat betreft de didactisch uitrusting worden volgende prioriteiten gesteld:

  • Inrichting van het nieuwe practicum in de 1ste licentie (3de bachelor) Biomedische Wetenschappen en didactische uitrusting van onderzoekslabo's.
  • Uitrusting van alle facultaire gebouwen met een LCD projector
  • Informatisering van de benedencampus, o.a. plaatsing van computers in één van de facultaire lokalen NKO (St. Rafaël, implementatie van LAPTOP-project).
  • Uitbouw van een elektronische leerhoek (geïntegreerd in of in de nabijheid van de biomedische bibliotheek)
  • Aankoop van een digitale camera en videorecorder.

Prof. dr. F. Lammertyn coördinator onderwijsbeleid

Projectverantwoordelijken
Prof. dr. J. Janssens decaan
Prof. dr. M. Decramer programmadirecteuroverkoepelende POC Geneeskunde