Huishoudelijk Reglement Faculteit Geneeskunde

Gewoon Reglement Structuur.

Goedgekeurd door de Raad van bestuur K.U.Leuven d.d. 21 februari 2006 en gewijzigd op 27 november 2007, op 27 mei 2008, op 17 februari 2009 en op 23 juni 2009

Hoofdstuk 2, afdeling 2

De faculteiten

Nieuw huishoudelijk reglement faculteit Geneeskunde

Bepalingen in aanvulling bij het gewoon reglement betreffende de structuur van de universiteit.

Artikel 32

De faculteit is het overkoepelende orgaan dat voor een studiegebied of voor meerdere studiegebieden de in artikel 34 gedefinieerde bevoegdheden op zich neemt. Alle leden van het zelfstandig academisch personeel behoren tot één van de in artikel 33 bepaalde faculteiten zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur na advies van het betrokken Groepsbestuur.

In die faculteiten waar het groepsreglement niet voorziet in een departementale structuur of vergelijkbare entiteiten rechtstreeks onder de groep, neemt de faculteit ook de departementale bevoegdheden over.

 

Artikel 33

Er zijn twaalf faculteiten, namelijk:

1° de Faculteit Godgeleerdheid;

2° de Faculteit Rechtsgeleerdheid;

3° de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen;

4° de Faculteit Sociale wetenschappen;

5° de Faculteit Geneeskunde;

6° de Faculteit Letteren;

7° de Faculteit Psychologie en pedagogische wetenschappen;

8° de Faculteit Wetenschappen;

9° de Faculteit Ingenieurswetenschappen;

10° de Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen;

11° de Faculteit Farmaceutische wetenschappen;

12° de Faculteit Bewegings- en revalidatiewetenschappen.

Het Hoger instituut voor wijsbegeerte heeft het statuut en de organen van een faculteit.

Onverminderd artikel 9 van het organiek reglement, kan de Academische raad nieuwe faculteiten oprichten en bestaande faculteiten afschaffen of samenvoegen.

Overeenkomstig artikel 9 van het organiek reglement beslist de Inrichtende Overheid over de oprichting, over de opheffing en over het statuut van de Faculteit Godgeleerdheid en van de Bijzondere Faculteit Kerkelijk Recht op voorstel van de Raad van Bestuur, die daarover het advies van de Academische Raad heeft ingewonnen.

 

Artikel 34

De faculteit staat, onder leiding van de decaan en binnen de beleidslijnen bepaald door het Groepsbestuur, in voor de verzorging van het onderwijs, de opleidingsgebonden maatschappelijke dienstverlening en de opleidingsgebonden studentenaangelegenheden.

Meer in het bijzonder is de faculteit verantwoordelijk voor:

  • het opstellen van een begroting;
  • het concipiëren, organiseren en bewaken van het opleidingsaanbod, inclusief de opleidingsgebonden maatschappelijke dienstverlening;
  • de praktische organisatie van het onderwijs;
  • de studentenadministratie;
  • de organisatie van internationale uitwisselingen;
  • het contact met alumni;
  • de bewaking van beroepsgerichte aspecten;
  • de promotie van, rekrutering van, definitie van, specifieke bijkomende toelatingsvoorwaarden voor opleidingen en studieoriëntering;
  • de contacten met hogescholen en externe relaties (in het bijzonder de vertegenwoordiging in nationale en internationale netwerken, industrie en beroepsverenigingen).

Overeenkomstig het groepsreglement kan de faculteit eventueel ook beoordelingscommissies oprichten.

De faculteit bepaalt welke onderwijsopdrachten vacant moeten worden gesteld.

 

Artikel 35

De faculteit stelt een reglement op en legt het ter goedkeuring voor aan het Groepsbestuur.

 

Artikel 36

De organen van de faculteit zijn: de Faculteitsraad, de decaan, de permanente onderwijscommissies en eventueel het Faculteitsbestuur.

 

Artikel 37

De Faculteitsraad bestaat uit:

  1. alle voltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel
  2. de deeltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel die voor onbepaalde duur voltijds zijn verbonden aan de universiteit, voor de toepassing waarvan diegenen die aangesteld zijn met uitzicht op vaste benoeming geacht worden voor onbepaalde duur te zijn aangesteld en diegenen wier voltijdse aanstelling wordt uitgesteld op grond van een combinatie met een andere tewerkstelling aan de universiteit geacht worden voltijds verbonden te zijn aan de universiteit;
  3. een vertegenwoordiging van de deeltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel die niet tot de categorie 1 tot en met 2 behoren;
  4. een vertegenwoordiging van het assisterend en bijzonder academisch personeel, met uitzondering van de gastprofessoren;
  5. een vertegenwoordiging van de studenten.

 

 

De Faculteitsraad bepaalt uit hoeveel leden elk van de onder 3., 4., 5. genoemde vertegenwoordigingen bestaat met inachtneming van de volgende regels:

  • de onder 3., 4., 5. genoemde vertegenwoordigingen maken samen niet meer dan drie tiende van de gehele Faculteitsraad uit;
  • de onder 5. genoemde vertegenwoordiging maakt ten minste een tiende van de gehele Faculteitsraad uit, met evenwel ten minste vier en ten hoogste twintig vertegenwoordigers.

De leden van de vertegenwoordigingen worden verkozen onder toezicht van de decaan of, waar dit is opgericht, het Faculteitsbestuur, op initiatief van en door de met de faculteit verbonden leden van de betrokken categorieën.

De administratief directeur/secretaris van de faculteit stelt de notulen van de vergadering op.

Art. 1. De Faculteitsraad ( Art. 37)

De Faculteitsraad bestaat uit :

 

  1. Alle voltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel en de deeltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel die voor onbepaalde duur voltijds zijn verbonden aan de universiteit met inbegrip van de academische ziekenhuizen alsook de buitengewone gastdocenten.
  2. zes leden van het overige deeltijdse zelfstandig academisch personeel.
  3. zes leden van de vaste staf van de U.Z. K.U.Leuven, die geen deel uitmaken van het zelfstandig academisch personeel.
  4. zes geneesheren assistenten in opleiding.
  5. zes leden uit de geleding assisterend academisch personeel, vastbenoemde leden van het wetenschappelijk personeel, bijzonder academisch personeel, waarvan 1 van de School voor Tandheelkunde, Mondziekten en Kaakchirurgie en 1 van de School voor Sociale Gezondheidswetenschappen.
  6. Twintig studenten, waarvan :
    • 14 afgevaardigd door Medica, waarvan min. 1 student Campus Kortrijk.
    • 2 afgevaardigd door de Leuvense Logopedische Kring.
    • 2 afgevaardigd door Medisoc
    • 2 afgevaardigd door Apolonia
  7. Worden uitgenodigd als waarnemer :
    • een afgevaardigde van de geneesheren-alumni
    • ZAP-leden van andere faculteiten met een substantiële onderwijsopdracht (≥ 3 j.u.) in opleidingen van de Faculteit Geneeskunde.

De vertegenwoordigers vermeld sub 2 en 3 worden door de respectieve geledingen verkozen voor een termijn van drie jaar; de vertegenwoordiging sub 4, 5 en 6 worden jaarlijks door de geleding gekozen.

Artikel 38

De Faculteitsraad oefent de in artikel 34 en 35 van dit reglement genoemde bevoegdheden uit, die verder worden geëxpliciteerd in het groepsreglement. Deze omvatten in elk geval volgende bevoegdheden:

  1. hij verkiest de decaan onder de tot de faculteit behorende gewoon hoogleraren en de buitengewoon hoogleraren die voor onbepaalde duur voltijds zijn verbonden aan de universiteit met inbegrip van de universitaire ziekenhuizen; de verkiezing geschiedt volgens een kiesreglement dat door de Academische Raad wordt vastgesteld;
  2. hij stelt in voorkomend geval de leden aan van het Faculteitsbestuur;
  3. hij stelt voor iedere opleiding, of voor meerdere opleidingen samen, een permanente onderwijscommissie in. Voor verschillende opleidingen van de eerste cyclus samen kan de Faculteitsraad een afzonderlijke permanente onderwijscommissie instellen; hij stelt voor de gehele faculteit een overkoepelende permanente onderwijscommissie in. Voor de academische lerarenopleiding worden afzonderlijke permanente onderwijscommissies ingesteld, eventueel over meerdere faculteiten heen;
  4. hij wijst op voorstel van de decaan, voor iedere opleiding of voor meerdere opleidingen samen, een programmadirecteur aan onder de leden van het voltijds zelfstandig academisch personeel of het deeltijds zelfstandig academisch personeel, voltijds verbonden aan de universiteit inclusief de universitaire ziekenhuizen;
  5. hij krijgt informatie over het beleid van de groep en de universiteit.

Art. 2. (art. 38)

Art. 4. De bestendige commissies

 

In de Faculteit Geneeskunde fungeren, naast de POC’s volgende bestendige commissies:

 

§ 1. De Commissie voor Medische Ethiek

 

Taak :

  • Advies verlenen m.b.t. de activiteiten die in de universitaire ziekenhuizen het voorwerp zijn van medisch-ethische problematiek.
  • De Commissie voor Medische Ethiek rapporteert aan het Bureau van de Faculteit, aan de Medische Raad en aan de medisch directeur van de UZ KULeuven.
  • Op regelmatige tijdstippen wordt een uitgebreid rapport opgesteld t.b.v. alle ZAP-leden van Faculteit.

 

Samenstelling

Binnen de wettelijke vereisten aangaande de samenstelling van ethische comités, worden de leden aangesteld door de Faculteitsraad op voorstel van het faculteitsbestuur.

Na iedere decaansverkiezing is de commissie ontslagnemend en wordt de samenstelling opnieuw bekeken.

 

§ 2. Stuurgroep Pentalfa

 

Opstellen en coördineren van het Pentalfa interactief postgraduaat onderwijsprogramma.

 

Samenstelling

Door de Faculteitsraad op voorstel van het faculteitsbestuur.

Artikel 39

De Faculteitsraad komt ten minste drie maal per jaar bijeen.

 

Artikel 40

Elke faculteit bepaalt in haar reglement of zij een Faculteitsbestuur opricht, welke de functies hierbinnen zijn, welke de eraan verbonden bevoegdheden zijn onverminderd de bevoegdheid van de Faculteitsraad en van de decaan en hoe de mandaathouders worden aangesteld of verkozen.

De samenstelling van het Faculteitsbestuur wordt ter bekrachtiging voorgelegd aan het Groepsbestuur. Als er een Faculteitsbestuur wordt opgericht wordt tot aan de goedkeuring van het participatiereglement overeenkomstig artikel 27, tweede lid een vertegenwoordiger van de studenten uitgenodigd en gehoord voor aangelegenheden die het onderwijs of de studenten betreffen.

Art. 3. (art. 40)

Art. 2. Het Facultair Bestuur

Binnen de Faculteit Geneeskunde wordt een Faculteitsbestuur opgericht met coördinerende bevoegdheid.
De leden van dit bestuur zijn :

  1. de decaan, tevens voorzitter
2, 3.

de twee vice-decanen. De vice-decaan die de klinische departementen of die niet-klinische departmenten coördineert vervangt de decaan als deze langdurig afwezig is.

  1. de facultair coördinator studenten aangelegenheden.
  2. de voorzitter van de overkoepelende POC
  3. de facultaire coördinator visitaties
  4. de voorzitter van de Subfaculteit Geneeskunde K.U.Leuven Campus Kortrijk
  5. de voorzitter van het departement “School voor Tandheelkunde, Mondziekten en Kaakchirurgie”
  6. de voorzitter van de Stagewerkgroep, tevens facultair vertegenwoordiger Erasmus-uitwisselingen
  7. de voorzitter van de Commissie voor Medische Ethiek
  8. de voorzitter van de Medische Raad
  9. één student, lid van de Faculteitsraad, die wordt uitgenodigd voor agendapunten die het onderwijs of de studenten betreffen.
  10. een vertegenwoordiger van het AAP/BAP, lid van de Faculteitsraad, die wordt uitgenodigd voor agendapunten die deze geleding aanbelangen.
  11. Op voorstel van het Faculteitsbestuur kan de Faculteitsraad bijkomende leden coöpteren.

 

De leden vermeld sub 12 en 13 krijgen de dagorde van de vergaderingen van het Faculteitsbestuur toegestuurd en kunnen dan vragen de vergadering bij te wonen m.b.t. welbepaalde agendapunten die hun geleding aanbelangen.

De leden vermeld sub 4 en 6 worden door de FR, op voordracht van de decaan aangesteld voor een periode van 3 jaar.

Artikel 41

Onverminderd het bepaalde in artikel 58, 2de lid, duurt het mandaat van decaan zeven jaar en is niet onmiddellijk hernieuwbaar.

Na drie jaar vindt er een tussentijdse evaluatie plaats in volgende stappen:

  • op initiatief van de vice-rector van de groep brengt de Academische raad, zonder deelname van de decanen van de betrokken groep en na consultatie van de Groepsraad en de betreffende faculteit, een advies uit;
  • dit advies wordt voorgelegd aan de Raad van bestuur, die, na de decaan te hebben gehoord, het voorstel bekrachtigt of met een meerderheid van tweederden kan wijzigen.
  • indien dit leidt tot een negatieve eindbeoordeling organiseert de Faculteitsraad een nieuwe verkiezing en eindigt het mandaat van de zittende decaan op het einde van het vierde jaar.

Voor de functie van decaan komen, rekening houdend met artikel 59 van dit reglement, enkel gewoon hoogleraren of buitengewoon hoogleraren voltijds verbonden aan de universiteit met inbegrip van de universitaire ziekenhuizen in aanmerking.

De functie van decaan is onverenigbaar met die van departementsvoorzitter. Het groepsreglement bepaalt de onverenigbaarheden voor die gevallen waar overeenkomstig artikel 32, 2de lid van dit reglement de faculteit de departementale bevoegdheden overneemt.

 

Artikel 42

De decaan is belast met de algemene leiding van de faculteit en hij vertegenwoordigt de faculteit naar buiten. Hij is ambtshalve lid van het Groepsbestuur.

Hij roept de Faculteitsraad en in voorkomend geval het Faculteitsbestuur bijeen, stelt de agenda vast en zit de vergadering voor.

Hij is verantwoordelijk voor het dagelijks beleid ten aanzien van het facultaire academisch, administratief en technisch personeel dat niet specifiek en uitsluitend tot een groep of tot een departement behoort. Het groepsreglement kan de taken van de decaan aanvullen.

 

Artikel 43

§1. De permanente onderwijscommissie ontwerpt het onderwijskundig referentiekader van de opleiding, het onderwijsprogramma en de didactische vormgeving van de opleiding en legt ze ter beslissing voor aan het Groepsbestuur.

De permanente onderwijscommissie staat in voor de voortdurende evaluatie van het opleidingsprogramma. Voor de periodieke evaluatie van de opleiding kunnen, overeenkomstig regels en instructies opgesteld door de Academische raad, ad hoc evaluatiecommissies worden ingesteld die rapporteren aan de permanente onderwijscommissies en via de decaan aan het Groepsbestuur.

De permanente onderwijscommissie bestaat uit leden van het zelfstandig academisch personeel en uit een adequate vertegenwoordiging van de studenten, van het assisterend academisch personeel en het bijzonder academisch personeel dat bij de opleiding is betrokken en eventueel van alumni. De vertegenwoordiging van de studenten maakt ten minste een derde uit van de gehele permanente onderwijscommissie, met evenwel ten minste vier en ten hoogste twintig vertegenwoordigers.

De permanente onderwijscommissie vergadert ten minste vier maal per academiejaar.

§2. De programmadirecteur van een opleiding is verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding en de coördinatie van de opleiding waarvoor hij is aangesteld; hij rapporteert dienaangaande aan de decaan en aan het Groepsbestuur. Zijn mandaat duurt drie jaar en is verlengbaar voor periodes van drie jaar of desgevallend voor een door het Groepsbestuur te bepalen kortere periode.

De bevoegde programmadirecteur is voorzitter van de betrokken permanente onderwijscommissie. Voor een overkoepelende interfacultaire permanente onderwijscommissie of voor een interfacultaire permanente onderwijscommissie bevoegd voor meerdere opleidingen van de eerste cyclus wordt een der betrokken programmadirecteurs of een ander lid van het academisch personeel door het Groepsbestuur aangewezen als voorzitter.

De programmadirecteur wordt geraadpleegd inzake toewijzingen van opdrachten, benoemingen en aanstellingen, met inbegrip van bevorderingen, van leden van het zelfstandig academisch personeel die een substantiële opdracht waarnemen in de opleiding waarvoor hij verantwoordelijk is.

§3. De Academische raad bepaalt in een aanvullend reglement nadere regels aangaande de opdracht en de wijze van aanstelling van de programmadirecteurs en aangaande de opdracht, de samenstelling en de werking van de permanente onderwijscommissies.

Art. 4. De Permanente Onderwijscommissies (art. 43)

In de Faculteit Geneeskunde fungeren volgende POC’s:

 

§ 1. Overkoepelende Permanente Onderwijscommissie

 

Taken :

  1. Voorstellen formuleren over de facultaire onderwijsbegroting en de verdeling van deze middelen, uitgaande van de voorstellen van de verschillende POC’s.
  2. Coördinatie van de onderwijsactiviteiten wat betreft middelen en oriëntatie.
  3. Maatregelen voorstellen inzake organisatorische problemen die gemeenschappelijk zijn aan meerdere studierichtingen
  4. Toezicht op auditoria, seminarie- en practicumlokalen

 

Voor deelaspecten kan de Overkoepelende POC specifieke werkgroepen oprichten.

 

Samenstelling :

  1. de voorzitter van de POC Geneeskunde, die tevens voorzitter is van de Overkoepelende POC
  2. de voorzitter van de POC Biomedische Wetenschappen
  3. de voorzitter van de POC Tandheelkunde
  4. de voorzitter van de POC Logopedische en Audiologische Wetenschappen
  5. de voorzitter van de Opleidingscommissie Master in de Verpleegkunde en de Vroedkunde
  6. de voorzitter van de POC Maatschappelijke Gezondheidszorg: Geneeskunde
  7. de voorzitter van de POC Familiale en Seksuologische Wetenschappen
  8. de voorzitter van de POC Huisartsgeneeskunde
  9. de voorzitter van de stagewerkgroep, tevens facultair vertegenwoordiger Erasmus-uitwisselingen
  10. de facultaire coördinator visitaties
  11. de facultaire coördinator studentenaangelegenheden
  12. de voorzitter van de subfaculteit geneeskunde Campus Kortrijk
  13. het diensthoofd van de Dienst Onderwijs Geneeskunde
  14. zeven studenten

 

§ 1.a. Facultaire werkgroep Internationalisatie

 

Fungeert als een werkgroep van de overkoepelende POC met als taak:

  • voorstellen te formuleren aan de POC over de organisatie van de internationale uitwisseling
  • coördinatie van de internationalisatie-initiatieven van de verschillende opleidingen

 

Samenstelling :

 

  • voorzitter: facultair vertegenwoordiger Erasmus-uitwisselingen
  • diensthoofd Dienst Onderwijs Geneeskunde
  • voorzitter overkoepelende POC
  • voorzitter POC Tandheelkunde
  • verantwoordelijke internationalisatie opleiding Tandheelkunde
  • voorzitter POC Logopedische en Audiologische Wetenschappen
  • verantwoordelijke internationalisatie Logopedische en Audiologische Wetenschappen
  • verantwoordelijke internationalisatie Medisch-Sociale Wetenschappen
  • international relations officer Faculteit Geneeskunde
  • administratief coördinator opleiding Biomedische Wetenschappen
  • expert internationalisatie Dienst Onderwijs Geneeskunde

 

§ 1.a.b. Subcommissie werkgroep Internationalisatie

 

Formuleert voorstellen aan de werkgroep Internationalisatie over de internationale uitbouw van de ManaMa-opleidingen

 

Samenstelling :

 

  • coördinator European Master of Bio-ethics
  • coördinator ManaMa Medical Imaging
  • programmadirecteur Familiale en Seksuologische Wetenschappen
  • coördinator ManaMa Molecular Medicine and Genetics
  • programmadirecteur Maatschappelijke Gezondheidszorg Geneeskunde
  • programmadirecteur Medisch-Sociale Wetenschappen
  • verantwoordelijke internationalisatie Medisch-Sociale Wetenschappen
  • programmadirecteur Tandheelkunde
  • verantwoordelijke internationalisatie opleiding Tandheelkunde
  • expert internationalisatie Dienst Onderwijs Geneeskunde

 

 

§ 2. Permanente Onderwijscommissie Geneeskunde

Samenstelling :

  1. Eén ZAP-vertegenwoordiger van volgende disciplines :
    • basiswetenschappen
    • morfologische groep
    • functionele groep
    • bachelor Campus Kortrijk
    • interne geneeskunde
    • heelkunde
    • verloskunde-gynaecologie
    • kindergeneeskunde
  2. Twee ZAP-vertegenwoordigers van de overige klinische disciplines.
  3. Eén ZAP-vertegenwoordiger van de opleidingslijnen :
    • wetenschappelijke vorming bachelor
    • keuze-onderwijs bachelor
    • vaardigheden
    • mens-milieu-maatschappij
  4. De voorzitters van de POC’s :
    • Academisering
    • Biomedische Wetenschappen
    • Huisartsgeneeskunde
    • Stagewerkgroep
  5. Eén vertegenwoordiger van de Geneesheren-Alumni
  6. Eén vertegenwoordiger van het AAP-BAP, betrokken bij de opleiding
  7. 10 studenten
  8. Het diensthoofd van de Dienst Onderwijs Geneeskunde is secretaris van de POC Geneeskunde. De vertegenwoordigers vermeld sub a, b, c en d hebben een plaatsvervanger, die ook tot alle vergaderingen worden uitgenodigd.

 

§ 2.a. Werkgroep 4e jaar Arts

 

Adviseert de POC Geneeskunde over de organisatie en het programma van het 4e jaar Arts en de procedure voor de selectie van de geneesheren-assistenten in opleiding.

 

Samenstelling :

 

  • voorzitter, aangesteld door de POC Geneeskunde
  • 2 ZAP-leden uit de disciplines Inwendige Geneeskunde, Heelkunde, Kindergeneeskunde en Verloskunde-Gynaecologie
  • 2 ZAP-leden uit de overige klinische disciplines
  • 2 ZAP-leden Academisch Centrum voor Huisartsgeneeskunde
  • voorzitter POC Geneeskunde
  • voorzitter POC Maatschappelijke Gezondheidszorg, Geneeskunde
  • coördinator probleem-georiënteerde examens
  • diensthoofd Dienst Onderwijs Geneeskunde
  • 6 studenten

 

§ 2.b. Stagewerkgroep

 

Staat in voor de praktische organisatie van de stages 3e master Geneeskunde

Adviseert de POC Geneeskunde m.b.t. de inhoud en de begeleidng van de stages

 

Samenstelling :

 

  • voorzitter: stagecoördinator
  • facultair afgevaardigde Cremec Leuven
  • facultair afgevaardigde Cremec Mechelen
  • facultair afgevaardigde Cremec Antwerpen
  • facultair afgevaardigde Cremec Kempen
  • facultair afgevaardigde Cremec Limburg
  • facultair afgevaardigde Cremec Oost-Vlaanderen
  • facultair afgevaardigde Cremec West-Vlaanderen
  • facultair afgevaardigde Cremec Brussel
  • diensthoofd: Dienst Onderwijs Geneeskunde
  • BAP: stageconvenant
  • administratief coördinator stages 3e master Geneeskunde
  • 2 studenten

De vroegere stagecoördinatoren kunnen de vergadering bijwonen als adviseur

 

§ 3. POC Biomedische Wetenschappen

 

Deze POC is bevoegd voor de opleidingen Biomedische Wetenschappen, Master of Medical Imaging en Proefdierkunde.

 

Samenstelling :

 

  • Voorzitter: programmadirecteur
  • 5 docenten 1e Ba BMW
  • 6 docenten 2e Ba BMW
  • 8 docenten 3e Ba BMW
  • 2 docenten 1e Mas BMW
  • ? docenten 2e Mas BMW

 

  • Voorzitter OMT Campus Kortrijk
  • 2 vertegenwoordigers BAP
  • 1 vertegenwoordiger Alumni
  • 8 studenten (zouden er 13 moeten zijn !)

 

  • twee experten, zonder stemrecht van de Dienst Onderwijs Geneeskunde
  • een verslaggever, zonder stemrecht

 

In afwachting van de integratie van de opleiding Master of Medical Imaging in de opleiding Biomedische Wetenschappen, wordt de opleiding Medical Imaging gecoördineerd door een subcommissie van de POC Biomedische Wetenschappen.

 

§ 3.a. Masterproefcoördinatiecommissie

 

Organiseert de verdediging van de Masterproeven BMW en formuleert voorstellen over de wijze van kwotering.

De leden worden voor een periode van 5 jaar aangesteld door de FR op voordracht van de POC Biomedische Wetenschappen.

 

§ 4. POC Logopedische en Audiologische Wetenschappen

 

Samenstelling :

  • Alle ZAP-leden van de subafdeling Logopedische en Audiologische Wetenschappen
  • 4 ZAP van de onderwijs toeleverende departementen (in casu 1 lid uit de departementen Psychologie, Pedagogie, Natuurkunde, Linguïstiek)
  • 2 AAP-BAP-leden uit de subafdeling Logopedische en Audiologische Wetenschappen
  • 1 AAP-BAP-lid van de Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen
  • 5 studenten

 

§ 5. Opleidingscommissie Master in de Verpleegkunde en de Vroedkunde

 

Samenstelling :

  • 6 lesgevers uit de opleiding
  • 4 afgevaardigden van samenwerkende hogescholen uit de Associatie K.U.Leuven
  • 1 AAP-BAP betrokken bij de opleiding (de facto: de ombudsman)
  • 2 externe leden uit het werkveld
  • 6 studenten

 

§ 6. POC Medisch-sociale Wetenschappen en Ziekenhuisbeleid: richting Beleid

 

Samenstelling:

  • 6 docenten uit de opleiding
  • 1 AAP-BAP betrokken bij de opleiding
  • 3 studenten

 

§ 7. POC Tandheelkunde

 

Samenstelling :

  • programmadirecteur
  • één ZAP-lid uit de afdelingen Conserverende Tandheelkunde, Orthodontie, Parodontologie, Prothetische Tandheelkunde en Stomatologie en Maxillo-faciale Heelkunde
  • één ZAP-lid (niet-departement Tandheelkunde) lesgever in het 1e master Tandheelkunde en 1 ZAP-lid (niet departement Tandheelkunde) uit het 2e Master Tandheelkunde
  • één ZAP-lid lesgever uit de School voor Geneeskunde
  • één ZAP-lid verantwoordelijk voor een prekliniek
  • één AAP-lid uit de afdelingen Conserverende Tandheelkunde, Orthodontie, Parodontologie, Prothetische Tandheelkunde en Stomatologie en Maxillo-faciale Heelkunde
  • zes studenten

 

§ 8. POC Familiale en Seksuologische Wetenschappen

 

Samenstelling :

  • 5 docenten 1e master
  • 4 docenten 2e master
  • ombudsman (AAP)
  • 6 studenten (drie per master)

 

§ 9. POC Maatschappelijke Gezondheidszorg: Geneeskunde

 

Samenstelling :

  • de K.U.Leuven-opleidingsverantwoordelijke Arbeidsgeneeskunde, Verzekeringsgeneeskunde, Jeugdgezondheidszorg en Ziekenhuishygiëne
  • drie lesgevers
  • 1 lid AAP-BAP
  • 4 studenten

 

§ 10. POC Huisartsgeneeskunde

 

Samenstelling :

Afdeling 3

De departementen
 

Artikel 44

Elke groep omvat naast de faculteiten ook departementen. Een departement bestrijkt een zo homogeen mogelijk onderzoeksdomein en bestaat uit een voldoende aantal leden om de opdracht van het departement efficiënt te kunnen uitvoeren.

Onverminderd artikel 32 behoren alle leden van het zelfstandig academisch personeel zoals bepaald door het Groepsbestuur ook tot een departement of gelijkgestelde entiteit of meerdere ervan, en voorzover daarbinnen kleinere eenheden zijn opgericht volgens artikel 45, 2de lid een kleinere eenheid of meerdere ervan.

Het Groepsbestuur kan departementen oprichten, afschaffen, splitsen of samenvoegen.

 

Artikel 45

Leden van het zelfstandig academisch personeel, die al dan niet behoren tot verschillende departementen, kunnen met het oog op het uitvoeren van onderzoeksprojecten op eigen initiatief een onderzoeksgroep vormen.

Het departement kan volgens de wijze bepaald in het groepsreglement kleinere eenheden ter oprichting voorleggen aan het Groepsbestuur en de wijze van samenwerking ervan bepalen.

 

Artikel 46

Het departement is verantwoordelijk voor de volgende opdrachten:

  1. het stelt een departementaal beleidsplan op, dat ter advies wordt voorgelegd aan de Departementsraad en wordt voorgelegd aan het Groepsbestuur;
  2. het organiseert en coördineert het wetenschappelijk onderzoek en de wetenschappelijke dienstverlening;
  3. het stimuleert en evalueert de interdisciplinaire samenwerking inzake wetenschappelijk onderzoek;
  4. het verstrekt, in opdracht van de faculteit die het betrokken onderwijs organiseert, academisch en voortgezet academisch onderwijs en het verzorgt de doctoraatsopleiding en de disciplinegerichte permanente vorming;
  5. het stelt de begroting van het departement op;
  6. het zorgt ervoor dat de toegewezen universitaire financiële middelen en ruimten optimaal aangewend worden;
  7. het staat in voor het intern personeelsbeleid ten aanzien van het academisch personeel, overeenkomstig het reglement van het academisch personeel; daaronder wordt onder meer verstaan:
    • het bepalen en verdelen van de taken van het academisch personeel en het bijzonder academisch personeel;
    • het voorstellen van profielvacatures voor opdrachten van onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
    • het adviseren bij benoemingen of aanstellingen van het zelfstandig academisch personeel en bij het toewijzen van onderwijstaken door het daartoe samengestelde adviesorgaan;
    • het vacant stellen van mandaten van het assisterend academisch personeel en bijzonder wetenschappelijke medewerkers;
    • het adviseren bij aanstellingen van leden van het assisterend academisch personeel en bijzonder wetenschappelijke medewerkers;
    • het evalueren van de toegewezen opdrachten en taken;
    • het formuleren, in voorkomend geval, van voorstellen voor een herverdeling van de onderwijstaken binnen het departement;
  8. het organiseert de eigen logistieke diensten en infrastructuur voor onderzoek, en het voert het intern personeelsbeleid ten aanzien van het departementaal administratief en technisch personeel volgens de geldende reglementen.
 

Artikel 47

De organen van het departement zijn de Departementsraad, het Departementsbestuur en de departementsvoorzitter.

Het Departementsbestuur, hierbij inzake algemeen beleid geadviseerd door de Departementsraad, staat in voor de in artikel 45 en 46 van dit reglement genoemde opdrachten. Het kan bepaalde bevoegdheden en taken delegeren aan andere organen van het departement of aan onderdelen van het departement.

 

Artikel 48

§1 De Departementsraad bestaat uit:

  1. alle voltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel en de deeltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel die voor onbepaalde duur voltijds zijn verbonden aan de universiteit met inbegrip van de universitaire ziekenhuizen;
  2. een vertegenwoordiging van de deeltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel die niet tot de eerste categorie behoren;
  3. een vertegenwoordiging van het assisterend academisch personeel, de vastbenoemde leden van het wetenschappelijk personeel, de bijzonder navorsers en de bijzonder wetenschappelijke medewerkers;
  4. een vertegenwoordiger van het administratief en technisch personeel;
  5. een vertegenwoordiging van de studenten die bij het onderzoek van het departement betrokken zijn.

De Departementsraad bepaalt uit hoeveel leden elk van de onder 2°, 3° en 5° genoemde vertegenwoordigingen bestaat; de vertegenwoordigingen genoemd onder 2°, 3°, 4° en 5° maken samen niet meer dan een derde van het totaal aantal leden uit.

De vertegenwoordigers genoemd onder 2°, 3°, 4° en 5° worden verkozen onder toezicht van de departementsvoorzitter op initiatief van en door de aan het departement verbonden leden van de betrokken categorieën.

§2 Het Departementsbestuur wordt samengesteld overeenkomstig het reglement van het departement.

De samenstelling van het Departementsbestuur wordt ter bekrachtiging voorgelegd aan het Groepsbestuur.

ART.5. DEPARTEMENTEN

De Faculteit Geneeskunde omvat 16 departementen, die worden onderverdeeld in “klinische departementen” en “niet-klinische departementen”:

a) Klinische departementen:

  • Vrouw en kind
  • Neurowetenschappen
  • Tandheelkunde, Mondziekten en Kaakchirurgie
  • Acute medische wetenschappen
  • Medisch Diagnostische Wetenschappen
  • Oncologie
  • Musculoskeletale Wetenschappen
  • Inwendige I
  • Experimentele Geneeskunde
  • Hart- en Vaatziekten
  • Heelkunde

b) Niet-klinische departementen

  • Moleculaire Celbiologie
  • Menselijke Erfelijkheid
  • Moleculaire en Cellulaire Geneeskunde
  • Microbiologie en Immunologie
  • Maatschappelijke Gezondheidszorg

Artikel 49

De departementsvoorzitter is ofwel een gewoon hoogleraar of voltijds hoogleraar, ofwel een buitengewoon hoogleraar of deeltijds hoogleraar die voor onbepaalde duur voltijds verbonden is aan de universiteit met inbegrip van de universitaire ziekenhuizen.

Het mandaat van departementsvoorzitter duurt vijf jaar en kan éénmaal worden hernieuwd. De departementsvoorzitter wordt aangesteld volgens de volgende procedure:

  • de Departementsraad legt via een verkiezing een lijst vast van ten minste drie kandidaten, tenzij er minder dan drie kandidaten zouden zijn ;
  • die lijst wordt met het behaalde aantal stemmen voorgelegd aan het Groepsbestuur dat hieruit een kandidaat kiest.
Bij een tweede aanstelling consulteert het Groepsbestuur de Departementsraad zonder dat deze laatste een nieuwe verkiezing organiseert.
 

Artikel 50

De departementsvoorzitter waakt over de uitvoering van de opdrachten van het departement.

Hij is verantwoordelijk voor het goed gebruik van de universitaire middelen. Hij wordt geïnformeerd over de aanvragen en toekenningen van andere middelen die aan het departement of onderdelen daarvan of aan een aan het departement gehechte onderzoeksgroep toekomen en ziet toe op het rationeel gebruik ervan.

 

HOOFDSTUK V

ALGEMENE BEPALINGEN (ex 52, 53, 54)
 

Artikel 60

Tenzij anders is bepaald in het organiek reglement en in dit reglement, worden beslissingen in organen en in vergaderingen genomen met eenvoudige meerderheid van stemmen; bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.

Elke stemgerechtigde kan de geheime stemming vragen; verkiezingen en stemmingen over personalia zijn steeds geheim.

Artikel 61

Behoudens andere bepalingen vastgesteld in het desbetreffende reglement moet ten minste de helft van de stemgerechtigde leden aanwezig zijn om geldig te vergaderen. Indien dit quorum niet is bereikt, roept de voorzitter de vergadering opnieuw samen tenminste een week en ten hoogste drie weken na de eerste vergadering. Op deze tweede vergadering wordt geldig beslist ongeacht het aantal aanwezigen.

Artikel 62

Behoudens bij hoogdringendheid, worden de uitnodigingen voor vergaderingen van alle in dit reglement vermelde organen schriftelijk opgesteld met vermelding van de dagorde, en worden ze ten minste vijf dagen voor de vergadering aan de leden bezorgd.

Behoudens andere bepalingen van het desbetreffende reglement kunnen de genoemde organen slechts geldig beslissen over een punt dat niet vermeld werd op de dagorde, indien twee derde van de aanwezige stemgerechtigde leden ermee instemmen om het punt te behandelen.

Art. 9. Algemene bepalingen i.v.m. vergaderingen en verkiezingen (Art. 60, 61 en 62)

§ 1. De organen vermeld in het reglement kunnen steeds geldig vergaderen ongeacht het aantal aanwezigen, behoudens m.b.t. die bevoegdheden waarvoor het “Gewoon reglement betreffende structuur van de Universiteit” uitdrukkelijk een quorum van aanwezigheden voorziet.

§ 2. Delegatie van stemrecht bij vergaderingen en verkiezingen.

Elk lid dat verhinderd is aan een vergadering deel te nemen kan volmacht geven aan een ander lid.

Elk lid mag slechts van één volmacht op de vergadering gebruik maken.

§ 3. Verkiezingen

De verkiezing van de decaan verloopt volgens het verkiezingsreglement zoals vastgelegd door de Academische Raad. De kandidaturen moeten ten laatste op de zevende dag vóór de dag van de verkiezingen ingediend worden.